De Aanbestedingswet 2012 kent een openbaarheidregeling die boven de ‘gewone’ openbaarheidregeling uit de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) gaat. Slechts in enkele gevallen, waarin stukken of gegevens openbaar zouden zijn op grond van de Aanbestedingswet 2012, kan openbaarmaking worden getoetst aan de regeling in de Wob. In de praktijk zal dit niet vaak voorkomen. De Aanbestedingswet 2012 kent twee artikelen over openbaarheid: 

Een algemeen artikel, dat te allen tijde geldt (zowel tijdens als na afloop van de aanbestedingsprocedure): artikel 2.57, waarin wordt bepaald

  • dat een aanbestedende dienst informatie die hem door een ondernemer vertrouwelijk is verstrekt, niet openbaar maakt en
  • dat een aanbestedende dienst geen informatie openbaar maakt uit aanbestedingsstukken of andere documenten die de aanbestedende dienst heeft opgesteld in verband met een aanbestedingsprocedure, als de informatie kan worden gebruikt om de mededinging te vervalsen.  

De aanbestedende dienst moet, op grond van de aanbestedingsregels, bepaalde informatie uit de aanbestedingsprocedure bekend maken (via door de Europese Commissie vastgestelde formulieren). Denk aan de aankondiging en de gunning. Daarnaast zijn er nog allerlei aanbestedingsstukken die aanbestedende diensten aan de inschrijvers en gegadigden beschikbaar moeten stellen, bv. de gunningsbeslissing. Om er voor te zorgen dat er geen gegevens openbaar worden gemaakt, die de mededinging in een lopende, dan wel in een latere aanbestedingsprocedure kunnen vervalsen, is het tweede lid van artikel 2.57 in de wet opgenomen. 

Als in de aanbestedingsstukken of andere documenten in de aanbestedingsprocedure gegevens staan die de mededinging niet vervalsen, dan moet een verzoek om openbaarmaking getoetst worden aan de hand van de weigeringsgronden in de Wob. Dit zal in de praktijk niet vaak voorkomen, omdat de meeste aanbestedingsstukken en documenten, gelet op aard van een aanbestedingsprocedure gegevens bevatten die de mededinging zouden kunnen vervalsen.

Ditzelfde geldt voor een verzoek om openbaarmaking van gegevens waarvan de ondernemer heeft aangegeven dat ze niet vertrouwelijk zijn. Ook dat zou dan aan de Wob getoetst moeten worden, maar ook dit komt in de praktijk niet vaak voor. Informatie die ondernemers in een aanbestedingsprocedure aan de aanbestedende dienst verstrekken, wordt bijna altijd door de ondernemers als vertrouwelijk aangemerkt. 

Een bijzonder openbaarmakingsartikel is artikel 2.138 dat bepaalt dat bepaalde gegevens over de gunning niet bekend mogen worden gemaakt als openbaarmaking van die gegevens:

  • in strijd zou zijn met enig wettelijk voorschrift;
  • in strijd zou zijn met het openbaar belang;
  • de rechtmatige commerciële belangen van ondernemers zou kunnen schaden;
  • afbreuk zou kunnen doen aan de eerlijke mededinging tussen ondernemers. 

NB Indien een (afgewezen) inschrijver in een aanbestedingsprocedure informatie opvraagt met een beroep op de Wob, is het raadzaam een jurist te raadplegen. In sommige organisaties (o.a. Hilversum) is het afdoen van Wob-verzoeken voorbehouden aan de juridische afdeling.